Wednesday, May 05, 2004

Het volgende artikel werd vorige week dinsdag ( 27 april, de 56e Onafhankelijkheidsdag van Israel ) in het Reformatorisch Dagblad gepubliceerd. Zonder dat ik daar erg in had heeft rabbijn mr. drs. R. Evers als reactie ook een opinieartikel in de krant geschreven. Van het Boek naar het Land, en weer terug In de loop van de geschiedenis hebben verscheidene volken de benaming Volk van het Boek gekregen, omdat hun cultuur en religie op één of meer heilige boeken waren gebaseerd. Vandaag denken de meeste mensen aan het joodse volk wanneer ze het over het Volk van het Boek hebben. Vanzelfsprekend verwijst 'het Boek' naar de Bijbel, althans naar het joodse deel daarvan. De beginselen die we in de Tenach ( door de Christenen het Oude Testament genoemd ) vinden, werden uitgewerkt tot een prachtig raamwerk van juridische, naratieve en puur religieuze werken, waarin de nadruk bijna altijd op spirituele, ethische en morele waarden ligt. Als we een bredere interpretatie van de uitdrukking Volk van het Boek hanteren zouden we kunnen zeggen dat – ongeacht de grote verschillen tussen de wereldwijd verspreide delen die ons volk vormen, alsmede tussen individuele joden onderling – wij als een volk door de eeuwen heen in staat zijn geweest om een nauwelijks te definiëren maar zeker herkenbare verzameling waarden en idealen te ontwikkelen en te bewaren. Tegen het einde van de 19e eeuw werden deze waarden en idealen door sommige joden – in de geest van de tijd en als gevolg van in intensiteit toenemende vervolgingen van de joden als een volk – vertaald binnen het model van een nationalistische beweging. Het Zionisme had niet alleen maar als doel om alle joden een veilige thuishaven te bieden, veel zionistische leiders dachten ook dat een staat die door joden bestuurd en ( grotendeels ) bewoond werd heus als een voorbeeld voor andere landen zou kunnen dienen als het gaat om sociale gerechtigheid, democratie, vooruitgang en de manier waarop mensen met elkaar omgaan. Volgende week (*) viert de joodse staat zijn 56ste verjaardag. Alhoewel Israel en de Israëliërs met recht trots kunnen zijn op heel wat prestaties, zouden we waarschijnlijk veel van de founding fathers van het Zionisme teleurstellen, als ze nog in leven waren. Natuurlijk, gezien de omstandigheden functioneren onze democratische instellingen uitstekend, en bijna iedere geweldloze vorm van politieke oppositie is hier geoorloofd. Op verschillende vakgebieden zijn Israëlische zakenlui en academici – voorzover ze niet geboycot worden – wereldleiders. Ondanks een gebrek aan financiële middelen slagen Israëlische sportmannen en -vrouwen er regelmatig in om de hoogste plaatsen te bereiken bij internationale sportevenementen. Onze ziekenhuizen en medisch onderzoek behoren tot de beste ter wereld. Veel ( naar ik aanneem en hoop de meeste ) Israëlische ouders slagen er in om – door hard en eerlijk te werken – zichzelf en hun kinderen een min of meer aangenaam leven te bieden. Aan de andere kant, er zijn vandaag de dag in Israël duizenden – joodse en niet-joodse – mensen die echt honger hebben, kinderen die onvoldoende en een kwalitatief slechte voeding krijgen en nauwelijks behoorlijk onderwijs genieten, buitenlandse werknemers die zich door de immigratiepolitie opgejaagd voelen en dagelijks vernederd worden. Ook zien we veel haat tussen de verschillende socio-economische en ethnisch-religieuze groeperingen binnen de Israëlische samenleving. Bovendien zijn we in de laatste 37 jaar een volk geworden dat het land van zijn buren illegaal bezet, hun levens bestiert, hun veel van de meest elementaire mensenrechten ontzegt, en hen eerder in de handen van de profeten van de frustratie, haat en dood drijft dan hun enige werkelijke hoop op een onafhankelijke, welvarende en veelbelovende toekomst te bieden. Sommige van de eerste Zionistische ideologen zagen het Land van Israël, dat altijd een centrale plaats in onze geschiedenis en religie heeft ingenomen, als een doel op zich. De meeste onder hen waren echter pragmatisch, en zij beschouwden dit land als een middel dat tot een gemeenschappelijk doel moest leiden: de (her)oprichting van een thuisland voor alle joden, waarvan de maatschappij gebaseerd zou zijn op een rechtvaardigheid en sociale gelijkwaardigheid. Het lijkt er vandaag op dat we van een Volk van het Boek geleidelijk en collectief tot een Volk van het Land zijn verworden. In deze context bedoel ik daar niet de figuratieve standaardbetekenis van de Hebreeuwse uitdrukking Am Ha'Aretz ( het gewone, simpele volk, de onwetenden, hoi polloi ) mee, maar een meer letterlijke interpretatie ervan. Voor veel Israëliërs is het Land een doel an sich geworden, en heeft het een eigen, absolute waarde gekregen. Dit heeft binnen de Israëlische maatschappij geleid tot materialisme, corruptie, blind fanatisme en een enorme kloof tussen de verschillende socio-economische lagen van de bevolking. Zo zijn meer dan eens traditionele waarden van het jodendom – bijvoorbeeld ingetogenheid en medelijden – geofferd op het altaar van het Land. De manier waarop sommige kibbutzim hun slag hebben geslagen door hun kostbare landbouwgrond te verkopen toen de markt voor onroerend goed uitzonderlijke verdiensten bood, de juridische problemen waarmee de Israëlische premier te maken heeft, de bereidheid van de kolonisten om de confrontatie aan te gaan met onze politieagenten en soldaten teneinde wanhopig vast te houden aan een paar stukken land die – om een understatement te gebruiken – niet bepaald bijdragen aan de veiligheid van het joodse volk in het algemeen en van onze staat in het bijzonder, al deze gevallen houden in zekere zin verband met ons verval, van een Volk van het Boek tot een Volk van het Land. Op het moment dat we inzien dat voor ons bestaan als een volk het Boek in zijn breedste betekenis altijd veel belangrijker is geweest dan het Land in zijn meest enge interpretatie, zouden we wel eens kunnen ontdekken dat geen van de problemen waarmee we vandaag geconfronteerd worden levensbedreigend is, en dat al die problemen oplosbaar zijn. Zodra we ons weer realizeren dat het Land een middel en niet ons uiteindelijke doel is zullen we in staat zijn om de profetieën van de eerste dromers van het Zionisme te verwezenlijken: een joodse staat in het Land Israel, gebaseerd op rechtvaardigheid en sociale gelijkwaardigheid, geaccepteerd en gerespecteerd door de meeste, zo niet alle, landen ter wereld, en – wie weet – in vrede met zijn buren levend. (*) Het stuk werd minder dan een week voor Yom Ha'Atzma'ut geschreven.

No comments: