Thursday, August 31, 2006

Het volgende artikel stond afgelopen week in het Reformatorisch Dagblad:
Geen woorden maar daden
Van degenen die op de website van Trouw antwoord gaven op de vraag " Gaat het de VN-macht in Libanon lukken om de vrede in de regio te bewaren? " antwoordde een grote meerderheid ontkennend. Het lijkt me dat die groep lezers – wat ook hun redenen waren om de vraag met 'Nee' te beantwoorden – de situatie goed inschat. De Israëlische regering, legerleiding en bevolking denken er hetzelfde over, en zij bereiden zich nu al voor op de volgende fase van de oorlog. Dat er niet echt veel vrede in de regio te bewaren valt staat hier overigens los van. Landen als Frankrijk en Italië ontzegden Israël tijdens de oorlog in feite het recht op zelfverdediging, nadat Hezbollah met zijn infiltratiepogingen, ontvoeringen en raketaanvallen op Israëlisch grondgebied de joodse staat meer dan één casus belli had gegeven. Israël's reactie werd meteen door deze en andere landen buitenproportioneel genoemd, waarbij nooit werd aangegeven hoe een staat dan wel dient te reageren als zijn soldaten en burgers op zijn eigen grondgebied worden aangevallen en bedreigd. Israël was door Hezbollah in een hoek gedwongen en moest wel reageren, omdat de Libanese regering en de Verenigde Naties hun taak jarenlang niet hadden uitgevoerd. Als de Libanese regering en het Libanese leger na Israël's terugtrekking uit Zuid-Libanon hun gezag onder toezicht en met behulp van UNIFIL over het zuiden van het land hadden doen gelden was Hezbollah nooit in staat geweest om daarvandaan – aangespoord en aangemoedigd door zijn Iraanse en Syrische broodheren – Israël's noordgrens in vuur en vlam te zetten. Dan had Israël geen enkele reden gehad om duizenden aanvallen in Libanon uit te voeren, waren honderden Libanezen en Israëliërs nu niet dood of gewond geweest, en waren honderdduizenden burgers aan beide kanten van de Israëlisch-Libanese grens geen vluchteling geworden. Het was al vrij snel na het uitbreken van de oorlog duidelijk dat Israël elk aannemelijk aanbod van de VN voor een staakt-het-vuren zou moeten accepteren. De Israëlische regering en legerleiding hadden zich laten verrassen en bevonden zich in een situatie waarbij Israël de oorlog niet kon winnen, zelfs al zou Hezbollah verslagen worden, wat onwaarschijnlijk was. Het was zaak om de wonden te likken, de verliezen te tellen en te beperken, en onmiddelijk te beginnen met het treffen van voorbereidingen om een herhaling van deze fashla ( mislukking, blunder ) te voorkomen. Weinig Israëliërs zijn verrast door het feit dat van de mooie beloftes en verzekeringen uit Parijs, New York en elders niet al te veel substantieels overblijft nu puntje bij paaltje komt en daadwerkelijk troepen moeten worden gestuurd. Die moeten gaan doen wat UNIFIL tot nog toe nooit gelukt is: onpartijdig zijn en er voor zorgen dat Libanese en Palestijnse milities Israël niet vanuit Libanon zullen aanvallen. Israël heeft niet voor het eerst geleerd dat het weliswaar niet in een vacuüm leeft maar dat het uiteindelijk zijn verdediging toch niet aan anderen, en zeker niet aan UNIFIL – waaraan misschien zelfs landen zullen deelnemen die geen diplomatieke banden met Israël wensen te hebben – kan toevertrouwen. Nederland, dat in VN-verband al genoeg aan de 'wereldvrede' bijdraagt, heeft er verstandig aan gedaan voor de ondankbare en onmogelijke taak die resolutie 1701 omvat te passen. Den Haag stond echter ook niet vooraan toen het er om ging om Israël tijdens de oorlog in de beklaagdenbank te plaatsen. Ook was het niet de Nederlandse maar de Franse premier die een solidariteitsbezoek aan Beirut bracht terwijl wij in Noord-Israël in de schuilkelders en elders op de katyusha's zaten te wachten. De Fransen zijn dus meer dan wie ook verplicht om het woord bij de daad te voegen, en Israël 'excuses' voor toekomstige aanvallen te ontzeggen. In het Engels klinkt dat beter: to put your money – and your troops, zou ik zeggen – where your mouth is. Parijs zou toch echt meer concreets moeten doen om de leiding van een op papier flinke internationale troepenmacht op te kunnen eisen. De Europese Unie had deze gelegenheid aan moeten grijpen om – al dan niet binnen een VN-kader – meer invloed en inspraak te krijgen bij het zoeken naar oplossingen voor de verschillende conflicten die het Midden-Oosten teisteren en die Europa, het Westen en de rest van de wereld direct of indirect bedreigen. Zolang de Unie echter nauwelijks een evenwichtig buitenlands beleid voert en haar regionale politiek vooral door de belangen van een paar individuele lidstaten wordt gestuurd kan het een beslissende rol in het Midden-Oosten wel vergeten. Ook de Amerikaanse regering lijkt geen duidelijke visie te hebben waar het gaat om het zoeken naar een uitweg uit met name de Palestijns-Israëlische en Iraans-Israëlisch-Westerse conflicten. Daarom zal Israël hoogstwaarschijnlijk ook bij de volgende fases van de confrontatie met Hezbollah, Iran en/of Syrië weer alleen staan. De joodse staat kan het zich niet veroorloven nogmaals te worden verrast en zal bij die volgende fases zelf het initiatief moeten nemen. Dat Europa en de VN dan weer luid hun eenzijdige Pavlov-protesten zullen laten horen moet Jeruzalem maar voor lief nemen.

No comments: