Monday, September 17, 2007

Als het goed is staat het volgende artikel vandaag in het Friesch Dagblad:
Oorlogsnevel
Er wordt vaak gezegd dat de waarheid het eerste slachtoffer van elke oorlog is. In het geval van de komende ronde in het voortdurende conflict tussen Israël en Syrië zien we alleen nog maar voortekenen van een naderende oorlog, en als er al een waarheid achter de vijandelijkheden schuilt lijkt die al lang ter ziele te zijn. Het begon op donderdagmiddag 6 september toen Syrië verklaarde dat het in de nacht daarvoor het vuur had geopend op een Israëlisch vliegtuig dat in het Syrische luchtruim vloog. Het vliegtuig zou de geluidsbarrière hebben doorbroken en munitie boven open terrein hebben afgeworpen. In de Israëlische media zorgde het bericht meteen voor grote koppen. Al die media baseerden en baseren hun verhalen op buitenlandse bronnen. Het Israëlische leger weigerde commentaar, en regeringsbronnen zeiden dat ze het bericht zouden nakijken. Aan dit alles gingen maanden van speculaties vooraf over een op handen zijnde oorlog tussen Israël en Syrië. Over mogelijke vredesonderhandelingen tussen de twee landen heeft niemand het nog. Sinds het eerste bericht over dit ‘inident’ zijn er bijna dagelijks nieuwe bijzonderheden over naar buiten gekomen. Het is onduidelijk wat er van alle gepubliceerde details waar is, berichten spreken elkaar ook tegen. Syrië laat ondanks officiële protesten doorschemeren dat het belang heeft bij een sluier over de affaire. Woordvoerders van de Israëlische luchtmacht, het leger en de regering laten verschillende boodschappen naar buiten sijpelen. Ze doen dat vrijwel uitsluitend via buitenlandse – inclusief Arabische – media. In Israël lees of hoor je de laatste tijd regelmatig formuleringen als “ volgens een hooggeplaatste Amerikaanse Midden-Oosten deskundige, die in de Washington Post / door CNN werd geciteerd... ”. In één van de laatste artikelen over het onderwerp citeerde de Israëlische krant Ha'Aretz een anonieme Amerikaanse deskundige die zei zijn informatie te hebben gekregen van Israëliërs die aan de aanval hadden deelgenomen. De belangrijke rol van Amerikaanse functionarissen en media zou kunnen wijzen op nauwe Israëlisch-Amerikaanse samenwerking tegenover de Iraanse en Syrische ( nucleaire ) dreiging. Die samenwerking spreekt bijna vanzelf maar is nog nooit echt duidelijk naar voren gekomen. Niemand gelooft nog dat het een onschuldige verkenningsvlucht betrof. Meestal wordt nu gesproken over een aanval, soms aangeduid als “de aanval die er wel of niet was”. Alhoewel Syrië over één vliegtuig sprak ging het hoogstwaarschijnlijk om een aantal ( acht? ) vliegtuigen. Er zouden zelfs Israëlische grondtroepen hebben meegedaan. De aanval vond diep in Syrië plaats. Wat het doel ervan was is nog niet geheel duidelijk. Wel wordt in bijna alle berichten gesproken over de buitenlandse herkomst of bestemming van dat doel of die doelen: ( Iraanse? ) wapens voor Hezbollah, Russiche luchtafweersystemen, Noordkoreaanse wapens of grondstoffen voor kernbommen, Iraanse raketten, een Syrische basis waar door Noord-Korea geleverd nucleair materiaal verwerkt wordt, opslagplaatsen voor chemische wapens. Nog een mogelijk doel van de operatie was het verkennen van het Syrische luchtafweersysteem, als voorbereiding op een toekomstige aanval op Syrië en/of Iran. Wat opvalt is dat behalve Noord-Korea, Iran, Rusland, Libië, en Syrië zelf geen enkel land Israël openlijk veroordeeld heeft. De Franse minister van Buitenlandse Zaken praatte tijdens een ontmoeting met zijn Israëlische collega luchtig over het onderwerp heen. Ook opvallend is de klaarblijkelijke medewerking van de inlichtingendienst van het Turkse leger. Als de Turkse regering echt niet van de samenwerking wist – ze riep de Israëlische ambassadeur ter verantwoording –zegt dit iets over de verhoudingen tussen de regering en het leger in Turkije, tegen de achtergrond van de voortdurende strijd tussen seculiere en islamistische krachten in dat land. Een andere mogelijkheid is dat de Turkse regering bewust meewerkte maar in het openbaar wel moest protesteren, wat op zich al veelzeggend is. Het Israëlische stilzwijgen heeft diverse redenen. Eén daarvan is de les die het land geleerd heeft na de vernietiging van de Iraakse kernreactor in Osirak in 1981. Mede door de openheid waarmee Israël over die operatie sprak werd de joodse staat wereldwijd veroordeeld. Ook zit niemand in Israël zo snel na de laatste oorlog op alweer één te wachten, zeker niet nu Gaza weer veel militaire aandacht vraagt. Een oorlog met Syrië ( en/of Hezbollah-Iran ) lijkt er aan te komen, maar Israël zou graag nog meer tijd hebben om zich daarop voor te bereiden. Het is nu vooral een soort zenuwenoorlog. Israël heeft een duidelijke waarschuwing afgegeven en misschien belangrijke tijd gewonnen en informatie verkregen. Het ziet er naar uit dat wat de regering en legerleiding voor ogen stond bereikt is: verschillende bronnen berichtten over een triomfantelijke stemming onder Israëlische regeringsfunctionarissen en hoge officieren. De grote vragen zijn hoe snel dit ‘ incident ’ een vervolg zal krijgen, en hoeveel en welke buitenstaanders bij dat vervolg betrokken zullen zijn. Weken, maanden, een ( paar ) jaar? Amerika, Europa, Turkije, Iran, Noord-Korea, Rusland, de Arabische vijanden van Iran? Dat deze muis een staart zal krijgen, en dat dit alles regionale of zelfs globale gevolgen zal hebben, daar bestaat weinig twijfel over. Dat naast ‘de’ waarheid vooral Israëlische, Palestijnse, Syrische en andere burgers weer de voornaamste slachtoffers zullen worden staat helaas ook als een paal boven water.

No comments: