Friday, June 06, 2008

Wat goed is voor Amerika...

Als het goed is staat vandaag het volgende artikel in het Friesch Dagblad.
Wat goed is voor Amerika…
Vier jaar geleden, toen bij de presidentsverkiezingen de Amerikaanse kiezers konden kiezen voor Four more years met Bush jr. of voor het onbekende alternatief dat John Kerry bood, schreef ik dat de verkiezing van Kerry waarschijnlijk beter zou zijn voor Israël en de Palestijnen dan de herverkiezing van George W. Bush. De belangrijkste basis voor mijn vermoeden destijds was het feit dat de impasse van het Palestijns-Israëlische conflict op dat moment (august 2004) slechts één variabele kende die niet hopeloos en onwrikbaar was vastgeroest, en dat was het Amerikaanse presidentschap. Inmiddels zijn zowel aan Palestijnse als aan Israëlische zijde de leiders vervangen, maar slechts zeer weinigen zullen met een serieus gezicht durven beweren dat één van beide volken er qua leiderschap de laatste jaren op vooruit is gegaan. Geen enkel Palestijns-Israëlisch vredesplan zal kunnen slagen zonder een minimaal wederzijds vertrouwen en een werkelijke vredeswil van beide volken. Toch is en blijft, om een heus vredesproces tot stand te brengen en te doen slagen, inbreng van buitenaf cruciaal. Van Rusland of de Verenigde Naties valt ook nu geen verrassende vredesinbreng te verwachten. De Europese Unie kan nog altijd een beperkte, bemiddelende rol spelen maar zij blijft te verdeeld om een evenwichtige, geloofwaardige en daadkrachtige visie met betrekking tot Israël-Palestina te bedenken, laat staan uit te dragen. Kortom, er is niet veel nieuws onder de zon. Amerika blijft de belangrijkste en meest invloedrijke buitenstaander in deze regio. Het buitenlandse beleid van de komende president van de Verenigde Staten zal het leven van Palestijnen, Israëliërs en andere volken in het Midden-Oosten (blijven) beïnvloeden zo niet bepalen. Er zijn al heel veel artikelen en online commentaren gewijd aan de vraag welke van de drie, nu twee, mogelijke presidentskandidaten het beste zou zijn voor Israël. Volgens mij valt die vraag niet echt te beantwoorden. Wat belangrijk is, is dat er iets gaat veranderen, en ik heb het idee dat dat in ieder geval zal gebeuren. Zelfs als wederom een republikein president wordt zal er een flinke personeelswijziging aan de top van alle departementen plaatsvinden, en John McCain snapt net zo goed als Barack Obama dat veel dingen anders aangepakt zullen moeten worden. De huidige regering in Washington heeft in feite Israël en de Palestijnse gebieden acht jaar lang verwaarloosd. De oorlog in Irak maakte nooit deel uit van een doortimmerd Midden-Oosten-plan voor de lange termijn. Pas ruim zeven jaar na zijn verkiezing als president bezocht George W. Bush Jeruzalem en Ramallah. Bijna al die tijd hebben hij en zijn regering Israël en de Palestijnen maar laten aanmodderen. Hierdoor zijn de extremisten aan beide kanten alleen nog maar sterker geworden dan zij vier en acht jaar geleden waren. Ik snap dan ook niet hoe veel Israëliërs en Israël-supporters Bush jr. als een grote vriend van Israël beschouwen. Een echte vriend had veel meer oprechte interesse getoond en geprobeerd om actief aan oplossingen mee te denken en te werken. Het Amerikaanse beleid ten aanzien van ‘het conflict’ kan nauwelijks beroerder worden dan dat van de afgelopen acht jaar. Zelfs slecht beleid is beter dan geen beleid. Het is dus goed dat het tijdperk Bush ten einde komt. Voor de twee overgebleven presidentskandidaten geldt hetzelfde als voor John Kerry in 2004. Geen van beiden hebben gedetailleerde plannen voor het Midden-Oosten bekend gemaakt. Allebei hebben ze hun steun aan en solidariteit met Israël meermaals expliciet uitgesproken, zoals deze week op de AIPAC conferentie. Hun opvattingen over het nut en de voortzetting van de oorlog in Irak verschillen sterk, maar ook dat zegt niet al te veel. Voor zowel de republikeinse als de democratische kandidaat zijn er – waar het Israël betreft – factoren, feiten, en invloeden die voor en tegen hem pleiten. De allerbelangrijkste vereiste voor een succesvol Amerikaans Midden-Oostenbeleid, of dat nou onder Obama of onder McCain zal worden uitgedacht en uitgevoerd, zal waarachtige betrokkenheid – commitment – zijn. Zodra de Palestijnse èn Israëlische leiders en bevolking inzien dat het machtigste land ter wereld (liefst met steun uit Brussel) serieus aan vrede, rechtvaardigheid en veiligheid in Israël en Palestina wil werken, zal de overgrote meerderheid van beide volken volgens mij eieren voor haar geld kiezen en een grotere bereidheid tot compromissen tonen dan we tot nog toe gezien hebben. Een dergelijke Amerikaanse wil was er onder Bill Clinton en tijdens het Oslo-proces. Het valt te hopen en te verwachten dat zowel de Amerikanen als Israël en de Palestijnen van de fouten uit die tijd geleerd hebben. Wat per slot van rekening het belangrijkste is, is dat Amerika de komende vier of acht jaar zoveel mogelijk verloren aanzien, geloofwaardigheid en kracht – vooral economisch en diplomatiek maar ook militair – terugwint. Wat goed is voor Amerika is normaal gesproken goed voor zijn bondgenoten, en dus ook voor Israël. Israël heeft meer dan de meeste andere bondgenoten belang bij een Amerika dat in alle opzichten en met beide benen sterk in de wereld staat. Het is aan de Amerikanen zelf om te beslissen of John McCain of Barack Obama de meest geschikte man is om hun land het prestige en zelfvertrouwen terug te geven dat het al een aantal jaren lijkt te ontberen. Zij hebben bij het nemen van dat besluit mijn mening en advies – of die van welke andere Nederlander, Europeaan, of Israëliër dan ook – niet nodig.

No comments: