Saturday, August 17, 2013

Wijs zijn of gelijk hebben

Het volgende artikel stond gisteren in het Reformatorisch Dagblad.


Het is vaak hartverwarmend om te lezen hoe lezers van deze krant begaan zijn met alles wat er in en om de Joodse staat gebeurt. Er bestaat geen enkele twijfel dat ook het hart van Jan Schippers wat Israël betreft op de juiste plaats zit. Toch slaat hij in mijn ogen meer dan eens de plank mis in zijn opinieartikel van 29 juli j.l. ("Nederlanders, koop Israëlische producten!").

Ik zal hier ingaan op vier van de punten die meneer Schippers aankaart. Allereerst zegt hij dat Israëls grenzen nooit definitief zijn vastgesteld. Toch zal hij het waarschijnlijk met mij eens zijn dat ieder welkdenkend mens die niet in een één-staat-voor-twee-volken oplossing gelooft, min of meer snapt hoe een vreedzame, onderhandelde oplossing voor het conflict eruit zal zien. Behalve voor sommige Israëliërs en Israël-supporters in het buitenland zijn Israël en de 'betwiste' gebieden niet een (staatkundige) eenheid. De regering in Jeruzalem kan eenzijdig volhouden dat ze dat wel zijn, maar men moet niet stomverbaasd zijn als de Verenigde Staten, de Europese Unie en andere landen dat niet accepteren. Ze hebben dat sinds 1967 immers nooit gedaan. Onder mijn Israëlische familieleden, vrienden, bekenden, en collega's – waarvan slechts een minderheid echt links kan worden genoemd – zijn er maar zeer weinigen voor wie Judea en Samaria een integraal deel van Israël zijn. Niemand van hen gaat er regelmatig naartoe, tenzij hij/zij er familie heeft wonen of er als soldaat naartoe wordt gestuurd. Jeruzalem is een ander verhaal, maar ook in die stad zijn er delen waar veel Israëliërs zelden of nooit 'zomaar' voet zullen zetten.

In het Hebreeuws zeggen we dat het beter is om wijs te zijn dan gelijk te hebben. Israël en zijn supporters zouden ervoor moeten kiezen om wijs te zijn, in plaats van koppig steeds weer hun gelijk te willen halen. Dat gelijk brengt ons namelijk grote socio-economische, diplomatieke, en militaire schade toe. Natuurlijk horen Hebron, Bethlehem, en Sichem bij het land Israël. In de moderne politieke werkelijkheid kan de staat Israël zich echter de prijs niet veroorloven die het nederzettingenbeleid met zich meebrengt.

Ten tweede stelt Jan Schippers dat het (alleen/vooral) de Palestijnen aan vredeswil ontbreekt. Ik heb daar mijn twijfels over. Eén voorbeeld. Als Israël werkelijk in vrede geïnteresseerd was, zou het niet over de bouw van wooneenheden in bezet gebied beginnen te praten telkens wanneer er weer eens een afgezant van de EU of de VS deze kant op komt om Palestijnen en Israëliërs tot onderhandelen te bewegen. Pas als Israël er zelf werkelijk al het mogelijke aan doet om vrede dichterbij te brengen kan het het gebrek aan vredeswil bij de Palestijnen als argument gebruiken om zelf aan de rem te trekken.

Ten derde, het veiligheidsargument. Dit snijdt minder hout dan ooit tevoren. Raketten zijn grensoverschrijdend, de nederzettingen houden hen niet tegen. Juist een duidelijke grens (met zeer duidelijke consequenties als die grens wordt overschreden; niet zoals na Israëls terugtrekking uit Gaza in 2007, toen Jeruzalem er om diverse redenen van afzag om keihard terug te slaan bij de eerste raketten en andere bedreigingen richting Israël) kan Israël veiligheid én meer legitimiteit bieden.

Dan het samenwerkingsmodel dat wordt bepleit. Zo'n model kost veel tijd en kan pas geïmplementeerd worden wanneer er twee staten zijn, die min of meer op gelijke voet kunnen samenwerken. Het huidige model heeft inderdaad meer welvaart gebracht voor de Palestijnen. Helaas is het vooral gebaseerd op Israëlische werkgevers die van supergoedkope Palestijnse arbeidskrachten profiteren, waardoor de economische kloof tussen Joden en Palestijnen én de rancune die daaruit voortvloeit nog groter worden.

Dit brengt me bij mijn laatste kritische kanttekening bij het artikel van Jan Schippers. Net als vele andere Israël-supporters en Israëlische woordvoerders suggereert hij, door het gebruik van Nazi-Duitse termen, dat er historische vergelijkingen getrokken zouden kunnen worden tussen enerzijds Europa in de dertiger en veertiger jaren van de vorige eeuw en anderzijds de situatie van Israël en de Joden vandaag de dag. Alleen al het feit dat wij Joden sinds 1948 een eigen staat hebben, en dat die staat God zij dank beschikt over een van de beste legers ter wereld, maakt dat dergelijke vergelijkingen volkomen mank gaan. Wat erger is, het gebruik van termen en slogans als 'Judenrein' en 'Koop niet bij Joden' (waar overigens geen sprake van is in wat voor EU-voorstel dan ook) in elke context die niet direct met de Shoah te maken heeft, draagt bij aan het bagatelliseren van de Holocaust.

Ik kan het niet genoeg zeggen: we hebben elke mogelijke steun hard nodig. Maar die steun moet niet alleen bestaan uit het wijzen naar alles wat er mis is aan 'gene zijde', en het benadrukken van hoe zuiver op de graat wij zelf wel niet zijn. Juist van onze vrienden verwacht ik dat ze ook Israël op zijn fouten en gebreken wijzen, en ons helpen moeilijke maar noodzakelijke beslissingen te nemen. Zoals André Rouvoet me vertelde toen ik hem begin 2008 interviewde, kritiek leveren dient het belang van de vriend en van de vriendschap. Of, om Amos Oz' pamflet "Help ons scheiden" (2004) te citeren, je hoeft niet meer te kiezen tussen pro-Israël of pro-Palestina, je moet pro-vrede zijn. En die vrede – volgens Oz niet meer dan de afwezigheid van oorlog, iets waar Israël meer belang bij heeft dan welke andere betrokken partij dan ook – vraagt om een pijnlijk compromis. Voor veel van de nederzettingen zal binnen zo'n compromis geen plaats zijn, ben ik bang. En nog even dit, tussen ons gezegd en gezwegen: als ik kan kiezen tussen een Israëlisch product en iets wat geproduceerd is aan de andere kant van de Groene Lijn, koop ik vrijwel altijd het eerste.

No comments: