Wednesday, November 30, 2016

Artikel in het Friesch Dagblad

Het volgende artikel stond de afgelopen week in het Friesch Dagblad. De titel is door de redactie gekozen. Normaal gesproken gebruik ik op mijn blog mijn eigen werktitel aan, ik zie de uiteindelijke gedrukte versie zelf niet. Deze keer kreeg ik voor het eerst een Whatsapp met de opmaak doorgestuurd, dus kan ik de uiteindelijke titel gebruiken.

Is Trump goed voor Israel en de Joden?

In de laatste aflevering van de televisieserie Seinfeld beschrijft Dr. Wilcox de reactie van George Costanza, nadat die te horen kreeg dat zijn verloofde – met wie hij feitelijk niet echt wilde trouwen – was overleden na het likken van giftige enveloppen, als “ingetogen gejubel”. Dit lijkt me een goede beschrijving van de reacties in officiële kringen in Jeruzalem nadat Donald Trump eerder deze maand als opvolger van Barack Obama was gekozen. In tegenstelling tot veel Europese en andere Westerse regeringsleiders, hadden Binyamin Nethanyahu en zijn religieuze en ultranationalistische coalitiegenoten zitten hopen op een Republikeinse overwinning. Jarenlang werd Barack Obama door veel Israëliërs als een – of zelfs dé – vijand gezien, vooral omdat hij en zijn vertegenwoordigers zich zo nu en dan, meestal heel zachtjes, durfden uit te spreken tegen Israëls nederzettingenbeleid. De dag na Trumps verkiezingsoverwinning nam de gemeente Jeruzalem dan ook de gelegenheid te baat om de bouw aan te kondigen van nieuwe huizen in Oost-Jeruzalem, dat door vrijwel alle andere landen ter wereld als Palestijns dan wel door Israël bezet gebied wordt beschouwd.

Het is niet zo verwonderlijk dat Nethanyahu en de zijnen zo tevreden zijn (uitgesproken of stilzwijgend), met de overwinning van Trump én met de nederlaag van de partij van Barack Obama. Waar de regering Obama nog wel eens haar stem verhief tegen Israëls voortdurende bouwwerkzaamheden en investeringen in de gebieden aan gene zijde van de Groene Lijn, lijkt het onwaarschijnlijk dat Trump Bibi en zijn ultranationalisten een strobreed in de weg zal leggen. De kolonisten en hun lobbyisten gaan er volgens diverse bronnen van uit dat de nieuwe Amerikaanse regering “een decennialange oppositie” tegen het bouwen in bezet gebied zal beëindigen, en Israël groen licht zal geven om aanzienlijke delen van de Westoever te annexeren. Niet zomaar prees Minister van Onderwijs Naftali Bennett (van de “Het Joodse Huis” partij) “het ter ziele gaan van de twee-statenoplossing”. Daarnaast heeft Trump beloofd de Amerikaanse ambassade van Tel Aviv naar Jeruzalem te zullen verplaatsen, en het atoomverdrag met Iran naar de prullenmand te verwijzen. Of al die beloften en verwachtingen ook vervuld zullen worden is voorlopig de vraag, maar ze zijn op zijn minst hoopgevend voor wie de Groot-Israël gedachte is toegedaan. Wanneer ‘linkse’ (een scheldwoord in Israël, gebruikt voor ongeveer alles wat niet streng religieus en/of pro-bezetting is) of andere kritische commentatoren wijzen op de soms ronduit foute supporters of ‘adviseurs’ van Donald Trump, haalt men in Israël en in pro-Israëlische kringen in de Verenigde Staten zijn schouders op. Meestal accepteert men zijn ‘verdediging’: “Ik een (vriend van) antisemiet(en)? Mijn dochter, schoonzoon, en (drie van de acht) kleinkinderen zijn Joods!”. Zelfs wanneer de geur van antisemitisme onder Trumps kiezers en raadslieden onontkenbaar sterk is, is dat voor veel Israëliërs en vermeende Israël-supporters geen reden om zijn koshere bedoelingen in twijfel te trekken.

Er is nog een reden waarom Bibi en Donald het zeer goed met elkaar kunnen vinden. Ze hebben simpelweg heel veel gemeen. Beiden behoren ze tot de bonte verzameling van veelal (ultra)rechts-populistische, soms griezelig fanatiek-nationalistische bewegingen die in diverse democratieën over de hele wereld de toon van het politieke debat bepalen. Nethanyahu is in dat gezelschap een oude rot, Trump is sinds kort hun grote held.  Marie Le Pen, Geert Wilders, Vladimir Poetin, Tayyip Erdogan, maar ook bijvoorbeeld de Indiase premier Narendra Modi en de Britse Minister van Buitenlandse Zaken Boris Johnson kunnen tot die stroming worden gerekend. Er zijn enorme verschillen tussen de verschillende landen en leiders, maar als er iets is wat hen verenigt  dan is het haat en angstzaaien tegenover alles wat vreemd, anders, liberaal, en links is. Voeg daar, behalve in het geval van Turkije, ook nog moslimhaat en –angst aan toe. Hoe absurd het ook moge lijken, het is niet toevallig dat Nethanyahu nu juist toenadering tot Turkije en Rusland (bondgenoten van Israëls grootste vijanden) zoekt, terwijl de banden met Obama’s Amerika jarenlang verslechterden of bewust verwaarloosd werden. Deze internationale parias spreken dezelfde spierballentaal, vol nationale trots en minachting voor andersdenkenden en voor ‘zwakkere’ tegenstanders.

En het angstaanjagen van de populisten werkt, net zo goed als terreur vruchten afwerpt. Die twee elementen kunnen niet zonder elkaar, ze voeden elkaar over en weer. Terwijl ik dit schrijf staan hele wijken van Haifa in brand. Al een paar dagen wordt Israël geteisterd door grote branden, en door een hevige wind die die branden nog verder aanwakkert. Veel van de branden zijn blijkbaar aangestoken, hoogstwaarschijnlijk vanuit 'nationalistische' (oftewel terroristische) motieven. Naftali Bennett zei meteen dat “alleen zij aan wie het Land niet toebehoort (lees: Arabieren) het in brand kunnen steken”. Nadat ook mijn school ontruimd was, was ik was al op weg naar mijn auto toen mijn vrouw me via Whatsapp het advies gaf om te wachten: de kinderen waren veilig bij mijn schoonmoeder aangekomen, zij was zelf veilig op haar school, en op de wegen naar huis zat het verkeer voorlopig hopeloos vast. Ironisch genoeg was onze dochter, die met school een reis naar Polen maakt, het veiligst van ons allemaal: zij was op dat moment juist op bezoek in het voormalige vernietigings- en concentratiekamp Majdanek, waar haar overgrootvader (Jacob Rozenblum, 39 jaar oud, transport 51 vanuit Drancy, naast Parijs, 6 maart 1943) vermoord is. Ik besloot dus te blijven werken, en ging terug naar de lerarenkamer. Een lerares Arabisch kwam vlak naast me zitten om het nieuws te volgen. Ze ging tekeer tegen de "Bney dodim" ('neven', een minachtende term voor Arabieren). Toen ik haar vroeg waarom ze zo moest generaliseren, en zei dat er zowel Arabieren als Joden op dat moment geëvavueerd werden of voor één van de vele hulpdiensten aan het werk waren (Haifa heeft een aanzienlijke Arabische minderheid), zei ze dat iedereen die haar huis in brand steekt wat haar betreft terrorist is, en dat ze geen geduld had voor nuances of voor weekhartige hypocrieten (zoals mijzelf, blijkbaar). Zulke uitspraken zijn uitzonderlijk onder mijn medeleraren, maar ik moest onwillekeurig denken aan de dag van de Knessetverkiezingen, vorig jaar maart, toen Nethanyahu een video de wereld instuurde waarin hij de Joodse kiezers opriep te gaan stemmen, de Arabieren waren immers “met bussenvol” op weg naar de stembus. Generaliseren, racisme, simplisme, en angst zaaien, dat zijn de wapens van de ware populist, of hij nu in Jeruzalem, Ankara, New York City (binnenkort Washington, DC) of Den Haag zetelt. En als die angst ook nog eens verder wordt aangewakkerd – of bevestigd – door islamistische of andere terreur, dan is het effect des te sterker.


En nu de hamvraag, die me de laatste twee weken door vele binnen- en buitenlandse vrienden en kennissen gesteld is: zal Donald John Trump de "meest uitgesproken pro-Israël President" zijn die er ooit geweest is, zoals we veel van zijn supporters vol overtuiging hebben horen en zien verkondigen? Anders gezegd, om een slogan te parafraseren waar Bibi jaren geleden gebruik van maakte, is Trump goed voor de Joden? Hangt er een beetje van af over welk Israël en welke Joden je het hebt, en welk Israël je wilt steunen. Voor de kolonisten, voor hen die Israël nog religieuzer, nationalistischer, en geïsoleerder willen maken, en voor hen die een één-staat-oplossing nastreven (alleen voor Joden danwel alleen voor Palestijnen: Hamas enerzijds en Bibi’s Likud, Het Joodse Huis en andere rechtse Israëlische partijen anderzijds hebben meer gemeen dan ze zelf zullen toegeven) lijkt de zich langzaam maar zeker vormende regering Trump een hemelse zegen te zijn. Tenzij Trump voor grote verrassingen gaat zorgen (hij suggereerde zowaar dat zijn Joodse schoonzoon wellicht Joden en Palestijnen dichter tot elkaar zou kunnen brengen, nee serieus!), heeft het er alles van weg dat hij de regering in Jeruzalem ongemoeid aan een één-staatoplossing verder zal laten bouwen. Ik heb dan ook het donkerbruine vermoeden dat Naftali Bennett wel eens gelijk zou kunnen krijgen, en dat Donald Trump direkt of indirekt de genadeslag zal toebrengen aan een vreedzame, onderhandelde oplossing van het conflict tussen Israël en de Palestijnen. Als dat gebeurt, en als Europese en andere sponsors en vrienden van Israëlische én Palestijnse mensenrechten- en vredesgroeperingen en andere links-liberale initiatieven hun belangstelling en hoop verliezen en die groeperingen aan hun lot overlaten, dan ben ik bang dat Israël als Joodse maar inclusieve, democratische en pluralistische staat uiteindelijk ten dode opgeschreven zal zijn. Is alle hoop dus verloren? Zo ver wil ik niet gaan. Zoals ik in eerdere artikelen schreef, ben ik ervan overtuigd dat wanneer positieve, redelijke, proactieve partijen en individuën (links, liberaal en gematigd conservatief, allesbehalve populisten) in hun eigen landen en wereldwijd een duidelijke, eensgezinde boodschap opstellen en uitdragen, de angsten en frustraties van hun potentiële kiezers serieus nemen, én hun krachten tegenover de negatieve en destructieve krachten van het (extreem)rechtse, ultranationalistische populisme bundelen, dan kan het gezonde verstand wel degelijk in de politiek terugkeren, en is alles mogelijk, maar dan in positieve zin. Maar het is vijf voor twaalf. En niet alleen in Jeruzalem.

No comments: